Keuzehulp: welke tv past bij jou?

Een televisie kopen komt neer op vier keuzes. Maak ze in deze volgorde, dan valt het aanbod vanzelf terug tot een handvol modellen.

1. Het formaat

Begin bij je kijkafstand, niet bij je muur. Een vuistregel die goed werkt voor 4K: deel je kijkafstand in centimeters door drie, dan heb je ongeveer de schermdiagonaal in centimeters. Zit je op drie meter, dan kom je uit rond de 100 centimeter diagonaal, oftewel 40 tot 43 inch als ondergrens en 55 tot 65 inch als comfortabele bovenkant. Bijna niemand vindt achteraf zijn tv te groot.

2. Het schermtype

OLED-pixels geven hun eigen licht en kunnen dus volledig uit: perfect zwart, en van elke hoek even mooi. Dat maakt OLED de beste filmtelevisie, zeker in een donkere kamer. QLED en mini-led worden veel feller en hebben geen risico op inbranden, wat ze geschikter maakt voor een lichte woonkamer of een tv die de hele dag aanstaat. Gewone LED is de betaalbare middenweg.

3. De beeldkwaliteit

4K is inmiddels de standaard en vanaf 43 inch de logische keuze. Full HD is nog prima voor een tweede toestel tot ongeveer 40 inch. 8K bestaat, maar er is nauwelijks materiaal voor en het verschil is op woonkamerafstand niet te zien. Belangrijker dan het aantal pixels is HDR: kijk of het toestel HDR10+ of Dolby Vision ondersteunt en of hij helder genoeg wordt om daar iets mee te doen.

4. Het smart-platform

Google TV en Android TV hebben het grootste app-aanbod. Tizen van Samsung en webOS van LG zijn sneller en overzichtelijker maar wat beperkter. Vidaa van Hisense heeft de grote diensten wel maar de kleine niet. Mis je later een app, dan lost een streamingstick van veertig euro dat op.

Nog twee dingen

Ga je gamen op een PlayStation 5 of Xbox Series X, kijk dan of er HDMI 2.1 op zit met 120 Hz en VRR. En reken op een soundbar: het geluid uit een vlakke televisie is het zwakste onderdeel van vrijwel elk toestel.